ECLI:NL:RVS:2018:1802
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- B.P. Vermeulen
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering tatoeageverwijdering
De vreemdeling, afkomstig uit Iran, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege zijn bekering tot het christendom en een christelijke tatoeage die hem bij terugkeer vervolging zou kunnen opleveren. De staatssecretaris wees de aanvraag af, mede omdat hij de bekering ongeloofwaardig achtte en vond dat de vreemdeling zijn tatoeage kon bedekken of verwijderen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de vreemdeling ging in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het niet aannemelijk is dat de tatoeage op de hand met kleding of make-up kan worden bedekt en dat de eis tot verwijdering of aanpassing van de tatoeage onvoldoende is gemotiveerd, met name ten aanzien van de grondrechten op lichamelijke integriteit en privacy.
De Afdeling vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten. De staatssecretaris moet zijn standpunt over de tatoeageverwijdering nader motiveren en rekening houden met relevante grondrechten en jurisprudentie.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering omtrent de eis tot verwijdering van de tatoeage en strijdigheid met grondrechten.