Uitspraak
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
23 februari 2021 in de zaak tussen
[eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser(gemachtigde: G. Gieben),
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland, verweerder.
De bestreden uitspraak op bezwaar
Zitting
Beslissing
Overwegingen
Eiser betoogt, onder verwijzing naar artikel 40 Wet Pro WOZ en de conclusie van de A-G bij het arrest HR 17 augustus 2018, ECLI:NL:HR:2018:1316, dat verweerder voorafgaand aan de hoorzitting ten onrechte niet de door eiser in het bezwaarschrift gevraagde gegevens heeft verstrekt, in het bijzonder de taxatiekaart en de KOUDV- en liggingsfactoren. Verweerder stelt zich op het standpunt dat artikel 40 Wet Pro WOZ hem niet ertoe verplicht in de bezwaarfase stukken toe te zenden aan eiser of diens gemachtigde.