Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , geboren op [geboortedatum 1] , eiser,alias [naam 1] , geboren op [geboortedatum 1] en van Iraakse nationaliteit,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid te Den Haag, verweerder,
ProcesverloopBij besluit van 1 november 2019 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aan eiser verleende verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd ingetrokken met terugwerkende kracht tot de ingangsdatum, 30 november 2010. Daarnaast heeft verweerder de aan eiser verleende verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingetrokken met terugwerkende kracht tot 30 november 2005. Tevens heeft verweerder geweigerd aan eiser een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen of uitstel van vertrek. Verder is aan eiser een terugkeerbesluit opgelegd en een inreisverbod voor de duur van twee jaar.Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Overwegingen
- zijn identiteit;
- relatie tot zijn meegereisde gezinsleden
- de identiteitsgegevens van meegereisde gezinsleden;
- het al dan niet bestaan van familieleden in Irak en Nederland;
- het bezit van (reis)documenten;
- zijn werk en problemen tijdens het werk en voortvloeiend daaruit;
- zijn gebied van herkomst en verblijfplaats voorafgaand aan en ten tijde van zijn vertrek uit Irak;
- de (directe) aanleiding voor zijn vertrek en motieven voor zijn komst naar Nederland;
- de omstandigheden waarin hij en zijn familieleden zich op dat moment hebben bevonden;
- zijn vertrekdatum en reisroute;
- de situatie ten tijde van zijn asielaanvraag hier te lande;
Het nieuwe asielrelaas
Het standpunt van verweerder
a) De geloofwaardigheid van de relevante elementen van het asielrelaas
Het standpunt van verweerder
Het standpunt van eiser
Het oordeel van de rechtbank
Uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vw 2000
Het BMA-advies van 16 september 2019
Volgens de BMA-arts is eiser in staat om te reizen en zijn daarbij geen medische voorzieningen aangewezen. Wel wordt aanbevolen dat eiser een schriftelijke overdracht van de medische gegevens meeneemt, om de medicatie te continueren tijdens de reis en om voldoende medicatie mee te nemen ter overbrugging van de reis.
Het standpunt van verweerder in het bestreden besluit
Het standpunt van eiser
Het oordeel van de rechtbank
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit, voor zover verweerder heeft nagelaten een Unierechtelijke evenredigheidsbeoordeling te maken en voor zover het betrekking heeft op de ambtshalve beoordeling van de reguliere verblijfsvergunning;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.068,00.
H.J. Renders, griffier.