ECLI:NL:RBDHA:2022:13901
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering behandeling asielaanvraag op grond van Dublinverordening afgewezen
Eiser, een Eritrese asielzoeker, diende op 4 mei 2022 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder besloot de aanvraag niet te behandelen omdat Italië verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening. Nederland heeft een verzoek tot overname aan Italië gedaan, dat is aanvaard.
Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Italië niet geldt vanwege tekortkomingen in het Italiaanse asielsysteem en recente politieke ontwikkelingen. De rechtbank oordeelde dat op basis van jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State Nederland terecht mag vertrouwen op Italië's nakoming van verdragsverplichtingen.
Ook de opschorting van overdrachten door Italië wegens gebrek aan opvangfaciliteiten leidt niet tot een verplichting voor Nederland om de aanvraag zelf te behandelen. Eiser kon geen persoonlijke omstandigheden aantonen die een uitzondering rechtvaardigen. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en dat verweerder geen aanleiding had de aanvraag aan zich te trekken.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van behandeling van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.