ECLI:NL:RBDHA:2022:4092
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Boete wegens niet voldoen aan maandloonvereiste kennismigrantenregeling
Eiseres, een onderneming die kennismigranten in dienst had, kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De overtreding bestond uit het niet maandelijks uitbetalen van het loon aan vier kennismigranten, waardoor niet werd voldaan aan het maandloonvereiste zoals gesteld in artikel 1d van het Besluit uitvoering Wav.
Verweerder handhaafde de boete van €32.000,- en wees op vaste jurisprudentie dat het loon uiterlijk in de maand volgend op de gewerkte maand moet worden uitbetaald. De rechtbank bevestigde dat eiseres onvoldoende maatregelen had genomen om de overtreding te voorkomen en dat verwijtbaarheid aanwezig was. De beleidsregel boeteoplegging Wav biedt wel ruimte voor matiging, maar die was hier niet aan de orde.
De rechtbank oordeelde dat ziekte, loonbeslag of het feit dat de IND geen verblijfsvergunning introk, geen reden zijn om de boete te matigen. Ook het later alsnog maandelijks uitbetalen van loon na de inspectie bood geen grond voor matiging. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens niet voldoen aan het maandloonvereiste wordt ongegrond verklaard en de boete blijft gehandhaafd.