ECLI:NL:RVS:2020:1232
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- G.M.H. Hoogvliet
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens schending informatieplicht kennismigranten
De zaak betreft een boete van € 8.250 opgelegd aan een erkend referent die niet tijdig meldde dat zes kennismigranten hun loon niet ontvingen, wat een overtreding van artikel 55a van de Vreemdelingenwet 2000 opleverde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de boete op basis van nieuw beleid moest worden vastgesteld op € 8.100. De Afdeling bevestigde dat het looncriterium inhoudt dat het loon maandelijks giraal moet worden uitbetaald en dat de referent volledig verwijtbaar is wegens het niet tijdig melden.
De Afdeling verwierp het verweer dat een waarschuwing had moeten worden gegeven in plaats van een boete, gelet op de ernst van de overtreding en de lange periode van niet-uitbetaling. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd, het beroep gegrond verklaard, en het boetebesluit herroepen en aangepast. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De boete van € 8.250 wordt vernietigd en vastgesteld op € 8.100 conform het nieuwe boetebeleid.