ECLI:NL:RBDHA:2023:12144
Rechtbank Den Haag
- Verzet
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep niet tijdig beslissen asielaanvraag
De rechtbank Den Haag behandelde het verzet van opposant tegen de uitspraak van 25 mei 2023, waarin het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag niet-ontvankelijk werd verklaard vanwege een prematuur ingediende ingebrekestelling.
In het verzet betoogde opposant dat de rechtbank niet tot een kennelijk oordeel was gekomen en dat er redelijke twijfel bestond over de uitkomst, mede door uiteenlopende rechtspraak over de toepassing van WBV 2022/22. De rechtbank oordeelde echter dat de vereenvoudigde afdoening op grond van artikel 8:54 Awb Pro voldoende duidelijk was en dat geen argumenten waren aangevoerd die twijfel over de uitkomst konden doen ontstaan.
De rechtbank verwees naar eerdere uitspraken van dezelfde zittingsplaats waarin dezelfde interpretatie van WBV 2022/22 werd gehanteerd. Gezien het ontbreken van nieuwe feiten of argumenten werd het verzet ongegrond verklaard en bleef de aangevallen uitspraak in stand.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wegens prematuur ingediende ingebrekestelling is ongegrond verklaard.