ECLI:NL:RBDHA:2023:12991
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid en inhoudelijke afwijzing beroep tegen aanslag inkomstenbelasting wegens ontbreken bron van inkomen
Eiseres, een beeldend kunstenares sinds 1999, stelde beroep in tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2019, waarbij verweerder de winst uit onderneming geheel corrigeerde en het verlies niet in aftrek toestond.
De rechtbank oordeelde eerst dat het beroep ontvankelijk was omdat verweerder niet aannemelijk had gemaakt dat de uitspraak op bezwaar correct was ontvangen, waardoor de beroepstermijn niet was gestart. Vervolgens werd inhoudelijk beoordeeld of de activiteiten van eiseres een bron van inkomen vormden.
Hoewel eiseres diverse feiten aanvoerde zoals meerdere opdrachtgevers, werkruimte buitenshuis en promotieactiviteiten, slaagde zij er niet in aan te tonen dat redelijkerwijs voordeel uit haar onderneming kon worden verwacht. De structureel negatieve resultaten over meerdere jaren, met uitzondering van 2018 waarin een boekwinst uit verkoop van een bedrijfspand werd geboekt, onderbouwden dit oordeel.
Het vertrouwensbeginsel faalde omdat verweerder dit vertrouwen in 2018 expliciet had opgezegd. De rechtbank concludeerde dat de activiteiten geen bron van inkomen vormden en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de aanslag IB/PVV 2019 wordt ongegrond verklaard omdat haar activiteiten geen bron van inkomen vormen.