Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] en [eiser], eisers
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
9 november 2023.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eisers dienden asielaanvragen in die door de Staatssecretaris niet in behandeling werden genomen vanwege vermeerde verantwoordelijkheid van Italië. De rechtbank Utrecht vernietigde deze besluiten en beval nieuwe besluiten binnen vier weken. De Staatssecretaris kreeg een voorlopige voorziening opgelegd waardoor de overdrachtstermijn werd opgeschort.
Eisers stelden dat de overdrachtsdatum was verstreken en verzochten opname in de nationale procedure. De Staatssecretaris reageerde met brieven waarin werd meegedeeld dat de overdrachtsdatum niet was verstreken vanwege de opschorting door de voorlopige voorziening van de Afdeling bestuursrechtspraak.
De rechtbank oordeelde dat deze brieven geen besluiten zijn zoals bedoeld in artikel 1:3 Awb Pro, omdat zij niet gericht zijn op rechtsgevolg maar slechts een mededeling bevatten. Hierdoor is de rechtbank onbevoegd om kennis te nemen van het beroep en komt zij niet toe aan inhoudelijke beoordeling. Eisers krijgen geen proceskostenvergoeding.
De rechtbank benadrukt dat het eventuele rechtsgevolg voortvloeit uit de voorlopige voorziening van de Afdeling en niet uit de brieven zelf. De situatie wijkt af van eerdere jurisprudentie waarin verlenging van de overdrachtstermijn wel als besluit werd aangemerkt. De rechtbank wijst erop dat eisers de procedure tegen de nog te nemen besluiten moeten afwachten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van de beroepen tegen de brieven en wijst deze af.