Uitspraak
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
Tegen de uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening staat geen hoger beroep of verzet open.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een Somalische vrouw, heeft meerdere asielaanvragen ingediend die eerder zijn afgewezen en onherroepelijk zijn geworden. In 2021 diende zij opnieuw een aanvraag in die door verweerder niet-ontvankelijk werd verklaard omdat er geen nieuwe relevante elementen of bevindingen werden aangevoerd.
Eiseres stelde dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de authenticiteit en samenhang van de overgelegde documenten en dat terugkeer naar Somalië een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro inhoudt, mede vanwege gendergerelateerd geweld en kwetsbaarheid van alleenstaande vrouwen.
De rechtbank oordeelde dat het arrest L.H. geen nieuw relevant element vormt en dat verweerder terecht de aanvraag als opvolgend heeft behandeld. De rechtbank vond dat verweerder niet verplicht was een inhoudelijke beoordeling van het risico bij terugkeer te doen omdat de aanvraag terecht niet-ontvankelijk was verklaard.
Het beroep is ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening is afgewezen. Eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.