ECLI:NL:RBDHA:2023:17752
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
Eiseres, een Pakistaanse ahmadi, diende op 14 juni 2023 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Duitsland verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening, gezien een eerdere asielaanvraag in Duitsland in 2021. Eiseres betoogde dat zij niet aan Duitsland kon worden overgedragen vanwege een reëel risico op indirect refoulement, omdat Duitsland een restrictiever beschermingsbeleid zou voeren dan Nederland.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende concrete en algemene informatie had overgelegd waaruit een evident en fundamenteel verschil in beschermingsbeleid blijkt. Zowel Nederland als Duitsland hanteren een individuele beoordeling voor Pakistaanse ahmadi’s en erkennen geen groepsvervolging. Verschillen in beoordeling van vestigingsalternatieven leiden niet tot een fundamenteel verschil dat overdracht verhindert.
Ook het beroep dat de staatssecretaris de aanvraag op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening had moeten aanhouden wegens huwelijk met een Nederlander en zwangerschap, werd verworpen. De staatssecretaris hoefde de huwelijksakte niet mee te wegen en de Dublinprocedure is niet bedoeld voor reguliere verblijfsregelingen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenvergoedingen af.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.