Uitspraak
- namens eisers: [eiser] en de gemachtigde van eisers;
- namens het college: de gemachtigde van het college, [naam 1] en [naam 2];
- namens Provastgoed: de gemachtigde van Provastgoed en [naam 3].
Rechtbank Den Haag
Eisers vroegen een tegemoetkoming in planschade vanwege het wijzigingsplan dat woningbouw mogelijk maakte op een sportterrein naast hun woning. Het college kende aanvankelijk een vergoeding toe, maar herzag dit besluit en wees de aanvraag alsnog af wegens voorzienbaarheid van de schade.
De rechtbank oordeelde dat de wijzigingsbevoegdheid in het toen geldende bestemmingsplan “Centrum” het mogelijk maakte dat een bejaardencentrum met vergelijkbare ruimtelijke impact nabij de woning van eisers gerealiseerd kon worden. Hierdoor was de schade bij aankoop van de woning in 1977 voorzienbaar.
Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaar van Provastgoed werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het bezwaar was ingetrokken. De rechtbank veroordeelde de Staat tot een geringe schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. Het verzoek om planschadevergoeding bleef afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om planschadevergoeding wordt afgewezen wegens voorzienbaarheid; het beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk.