ECLI:NL:RBDHA:2023:6533
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens tijdige beslistermijn verlengd onder WBV 2022/22 bij asielaanvraag
Eiser heeft op 22 februari 2023 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag die hij op 6 september 2022 indiende. Volgens de wettelijke beslistermijn van zes maanden zou de termijn op 6 maart 2023 zijn geëindigd. Echter, met de inwerkingtreding van het Besluit WBV 2022/22 is deze termijn met negen maanden verlengd tot 6 december 2023.
De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken van 21 maart 2023 waarin werd geoordeeld dat de verlenging onder WBV 2022/22 rechtsgeldig is vanwege de situatie zoals bedoeld in artikel 42, vierde lid, van de Vreemdelingenwet. De rechtbank ziet geen reden om hiervan af te wijken in deze zaak.
Omdat de ingebrekestelling van 3 februari 2023 te vroeg was ingediend, was de beslistermijn op dat moment nog niet verstreken. Hierdoor is het beroep tegen het uitblijven van een besluit kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door rechter J.F.I. Sinack en openbaar gemaakt op 8 mei 2023. Eiser kan binnen zes weken een verzetschrift indienen als hij het niet eens is met deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de beslistermijn rechtsgeldig is verlengd.