ECLI:NL:RBDHA:2023:9404
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduring maatregel bewaring en zicht op uitzetting Nigeriaanse vreemdeling
Eiser, een Nigeriaanse vreemdeling, is sinds 9 maart 2023 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen de voortduring van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank heeft het beroep behandeld via telehoor en aanvullende medische stukken beoordeeld.
Eiser stelde dat zijn medische toestand, waaronder auditieve hallucinaties, maakt dat hij detentieongeschikt is en dat hij niet de noodzakelijke zorg in het detentiecentrum Rotterdam ontvangt. Hij verzocht om opheffing van de bewaring en oplegging van een lichter middel, zoals een meldplicht, zodat hij buiten detentie passende medische zorg kan ontvangen.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de voortduring van de bewaring onevenredig bezwarend is. Het medisch dossier toont aan dat eiser toegang heeft tot medische zorg en dat de zorg toereikend is. Daarnaast is vastgesteld dat verweerder voldoende voortvarend werkt aan de uitzetting en er zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn, mede omdat eiser niet meewerkt aan zijn terugkeer.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen de voortzetting van de maatregel bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.