ECLI:NL:RBDHA:2024:10764
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling met betwiste nationaliteit
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, stelt dat hij eigenlijk uit Algerije komt en betwist de rechtmatigheid van de voortzetting van zijn bewaring. Hij heeft een zelf getypt document overgelegd ter onderbouwing van zijn Algerijnse afkomst. De rechtbank oordeelt dat dit onvoldoende bewijs is en dat de minister terecht geen lp-traject bij Algerije is gestart. Eerder is eiser al gepresenteerd bij de Algerijnse autoriteiten, maar zijn nationaliteit kon niet worden bevestigd vanwege zijn Marokkaans-Arabische taalgebruik.
De minister heeft de maatregel van bewaring op 15 februari 2024 opgelegd en deze blijft van kracht. De rechtbank heeft de maatregel reeds driemaal getoetst en concludeerde dat deze tot 24 mei 2024 rechtmatig was. Nu staat alleen de rechtmatigheid van de voortzetting sinds die datum ter beoordeling.
De rechtbank stelt vast dat de minister voldoende voortvarend handelt door tweemaal te rappelleren op de lp-aanvraag en een vertrekgesprek te voeren. Er is zicht op uitzetting naar Marokko binnen een redelijke termijn, mede omdat de Marokkaanse autoriteiten medewerking verlenen en eiser onvoldoende meewerkt aan zijn uitzetting.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.