Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, maakt bezwaar tegen het voortduren van zijn vreemdelingenbewaring die sinds 17 april 2023 van kracht is. Hij stelt dat verweerder onvoldoende voortvarend handelt bij het realiseren van zijn uitzetting en dat er geen reëel zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn. Tevens voert hij aan dat zijn nationaliteit inmiddels is vastgesteld en dat hij passief zou zijn, wat de bewaring niet rechtvaardigt.
De rechtbank toetst de rechtmatigheid van de maatregel vanaf 14 december 2023 en concludeert dat verweerder afhankelijk is van de Marokkaanse autoriteiten voor het verkrijgen van een laissez-passer. Er is geen aanleiding te twijfelen aan de medewerking van deze autoriteiten of aan het zicht op uitzetting. Verweerder heeft voldoende gemotiveerd waarom de bewaring nog niet is opgeheven, mede vanwege het risico op onttrekking en het ontbreken van actieve medewerking van eiser.
De rechtbank gaat niet mee in het betoog van eiser dat het beroep niet op zitting is behandeld en dat dit in strijd zou zijn met het arrest Winterwerp. De procedure is correct verlopen en de rechtbank acht zich voldoende voorgelicht om zonder zitting uitspraak te doen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.