Verzoeker was werkzaam als businessanalist bij Refuels B.V. op basis van twee arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, waarvan de laatste liep tot 30 september 2023. Spanningen ontstonden tussen verzoeker en zijn leidinggevenden over zijn functie en takenpakket, wat leidde tot een gespannen werksfeer. Op 13 juli 2023 werd verzoeker vrijgesteld van werkzaamheden en werd medegedeeld dat zijn contract niet zou worden verlengd.
Verzoeker stelde dat het niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst het gevolg was van ernstig verwijtbaar handelen van Refuels, waaronder schreeuwen, kleineren en pesten door leidinggevenden, en het niet naleven van re-integratieverplichtingen. Hij vorderde een billijke vergoeding van €90.831,52 bruto.
De kantonrechter oordeelde dat onvoldoende was onderbouwd dat het ernstig verwijtbaar handelen van Refuels het niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst heeft veroorzaakt. Het standpunt van Refuels dat verzoeker niet goed binnen de organisatie paste en zelf ontevreden was over zijn functie werd onderschreven. Ook was de ziekmelding van verzoeker na de aanzegging van niet-verlenging, waardoor re-integratieverzuim niet heeft geleid tot beëindiging.
Daarom werd het verzoek afgewezen. Tevens werd vastgesteld dat het handelen van Refuels niet ernstig verwijtbaar was. Verzoeker werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €949,-.