ECLI:NL:RBDHA:2024:15839
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep tegen niet tijdig besluit MVV-nareis met oplegging dwangsommen
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (MVV) in het kader van nareis voor verblijf bij een referent. Verweerder, de minister van Asiel en Migratie, heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en kennelijk gegrond is omdat de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, is overschreden zonder dat een besluit is genomen.
De rechtbank stelt vast dat verweerder de ontvangst van de aanvraag heeft bevestigd, maar nog niet inhoudelijk heeft beslist. Daarom legt zij op grond van de Algemene wet bestuursrecht een nadere beslistermijn op van acht weken na verzending van deze uitspraak, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 opgelegd voor elke dag overschrijding.
Verder veroordeelt de rechtbank verweerder tot betaling van de reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442, de proceskosten van €437,50 en het griffierecht van €187 aan eiseres. De uitspraak is gebaseerd op eerdere jurisprudentie van deze rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, waarin de bijzondere aard van nareisaanvragen bij asielvergunninghouders wordt onderkend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen en vergoeding van proceskosten.