ECLI:NL:RBDHA:2024:19425
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Verblijfsvergunning ingetrokken wegens niet tijdig bezwaar na adreswijziging
Eiser, een Surinaamse nationaliteit, kreeg een verblijfsvergunning voor verblijf als familie- of gezinslid. Deze vergunning werd ingetrokken omdat eiser zich niet had ingeschreven op hetzelfde adres als zijn referent, wat een voorwaarde was. Eiser diende ruim 25 weken te laat bezwaar in tegen de intrekking. Hij voerde aan dat hij onverwacht was uitgezet door zijn echtgenote en daardoor niet tijdig op de hoogte was van het besluit, mede door bereikbaarheidproblemen en het ontbreken van professionele rechtsbijstand ten tijde van het besluit.
De rechtbank oordeelde dat het primaire besluit correct was toegezonden naar het laatst bekende adres en dat eiser niet had voldaan aan zijn verplichting om de bereikbaarheid en adreswijziging tijdig door te geven. De digitale verzending van het besluit via MijnIND was aantoonbaar gebeurd en eiser kon dit niet ontkennen. De omstandigheden van eiser, waaronder zijn problematische verstandhouding met de verblijfgever en het niet inschrijven op haar adres, maakten dat hij wist niet aan de voorwaarden te voldoen.
De rechtbank concludeerde dat er geen bijzondere omstandigheden waren die de termijnoverschrijding verschoonbaar maakten. Het niet tijdig indienen van het bezwaar was aan eiser toe te rekenen. Daarom was het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard en bleef het besluit tot intrekking van de verblijfsvergunning in stand. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd eveneens niet-ontvankelijk verklaard omdat de zaak inmiddels is beslist.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de intrekking van de verblijfsvergunning is niet-ontvankelijk verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.