ECLI:NL:RVS:2022:2203
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking verblijfsvergunning asiel wegens juiste bekendmaking besluit
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 22 juli 2021 de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd van de vreemdeling ingetrokken. De vreemdeling stelde beroep in tegen dit besluit, maar de rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat het beroep te laat was ingediend. De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De vreemdeling voerde aan dat het besluit aan zijn gemachtigde had moeten worden gezonden, zoals voorgeschreven in de Vreemdelingenwet en het Vreemdelingenbesluit 2000, en niet aan hemzelf. De Afdeling oordeelde echter dat de staatssecretaris niet verplicht is het intrekkingsbesluit aan de voormalige gemachtigde te sturen, omdat de asielprocedure en daarmee de taak van de advocaat was beëindigd. De staatssecretaris hoeft niet na te gaan of een eerdere gemachtigde nog steeds optreedt.
Verder stelde de vreemdeling dat er geen rapport van bevindingen was opgemaakt over de bekendmaking van het besluit, maar dit werd door de Afdeling niet relevant geacht omdat de feitelijke bekendmaking niet in geschil was. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarbij geen proceskosten werden toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de verblijfsvergunning asiel blijft gehandhaafd.