Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, de minister,
Procesverloop
Overwegingen
[geboortedatum] 1997.
3a. Nederland niet op de voorgeschreven wijze is binnengekomen, dan wel een poging daartoe heeft gedaan;
3k. een overdrachtsbesluit heeft ontvangen en geen medewerking verleent aan de overdracht aan de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielverzoek;
3m. een overdrachtsbesluit heeft ontvangen en onmiddellijke overdracht of overdracht op zeer korte termijn noodzakelijk is ten behoeve van het realiseren van de overdracht binnen zes maanden na het akkoord van de lidstaat die verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielverzoek;
en als lichte gronden vermeld dat eiser:
4a. zich niet aan een of meer andere voor hem geldende verplichtingen van hoofdstuk 4 van het Vb heeft gehouden;
4c. geen vaste woon- of verblijfplaats heeft;
4d. niet beschikt over voldoende middelen van bestaan.
Ter zitting heeft de minister zware grond 3a laten vallen.
‘Betrokkene heeft op geen enkele wijze acties ondernomen die konden bijdragen aan gecontroleerde terugkeer naar Frankrijk dan wel naar zijn land van herkomst. Betrokkene heeft gedurende zijn verblijf op de diverse COA locaties geen gebruik gemaakt van de geboden gelegenheid en mogelijkheden om Nederland op vrijwillige basis te verlaten dan wel om de overdracht aan de Franse autoriteiten te realiseren.’
27 november 2024 te doen in verband met de vlucht op 29 november 2024 om 07:20 uur. Dit ontslaat de minister evenwel niet van het deugdelijk motiveren waarom het noodzakelijk is om eiser vanuit bewaring over te dragen.
10 september 2024 (ECLI:NL:RVS:2024:3641), waarin de Afdeling heeft overwogen dat om een significant risico op onttrekking aan te nemen is minimaal één zware grond vereist en dit volgt uit artikel 59a van de Vw 2000, gelezen in samenhang met artikel 5.1b, tweede lid, van de Vb 2000. Dit betekent dat de maatregel van aanvang af onrechtmatig is geweest en eiser tot aan zijn overdracht onrechtmatig in bewaring is gehouden.