ECLI:NL:RBDHA:2024:2145
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Bulgarije ongegrond verklaard
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat op grond van de Dublinverordening Bulgarije verantwoordelijk is voor de behandeling.
De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeeld aan de hand van de aangevoerde argumenten, waaronder de stelling van eiser dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Bulgarije niet kan worden toegepast vanwege problemen met opvang, detentie en rechtsbijstand, en zijn eigen negatieve ervaringen.
De rechtbank overweegt dat het aan eiser is om aannemelijk te maken dat er een reëel risico bestaat op een schending van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro bij overdracht aan Bulgarije. Eiser is hier niet in geslaagd; eerdere uitspraken bevestigen dat er geen aanwijzingen zijn voor pushbacks en dat toegang tot opvang en rechtsbijstand gewaarborgd is.
De rechtbank concludeert dat de Bulgaarse autoriteiten de asielaanvraag zullen behandelen conform internationale verplichtingen en dat er geen sprake is van een reëel risico op schending van fundamentele rechten. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de beslissing van de staatssecretaris blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het niet in behandeling nemen van zijn asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.