Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis bij een referent met een asielvergunning. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en kennelijk gegrond is, omdat verweerder niet binnen de wettelijk gestelde termijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, heeft beslist.
De rechtbank verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin aanvragen om gezinshereniging bij houders van asielvergunningen als bijzondere gevallen worden beschouwd, waardoor een langere beslistermijn kan worden opgelegd. Verweerder heeft de aanvraag wel ontvangen maar nog niet inhoudelijk behandeld. Daarom legt de rechtbank een beslistermijn van acht weken op, met een mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
Daarnaast wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €15.000. Verweerder is tevens veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442, proceskosten van €437,50 en vergoeding van het griffierecht van €187. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp op 19 december 2024.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen met oplegging van dwangsommen en veroordeling in proceskosten.