ECLI:NL:RBDHA:2024:23111
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens leeftijdsdispuut en Dublinverordening
Eiser, met de Syrische nationaliteit, stelde minderjarig te zijn bij zijn asielaanvraag in Nederland. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling omdat Kroatië verantwoordelijk werd geacht op grond van de Dublinverordening, mede omdat eiser in Griekenland als meerderjarig was geregistreerd. De rechtbank oordeelde dat verweerder onzorgvuldig heeft gehandeld door niet alle door eiser overgelegde documenten over zijn leeftijd te onderzoeken, waardoor het bestreden besluit vernietigd moest worden.
Desondanks liet de rechtbank de rechtsgevolgen van het besluit in stand, omdat verweerder op basis van meerdere omstandigheden, waaronder de leeftijdsregistratie in Griekenland en valsheid van documenten, terecht van meerderjarigheid mocht uitgaan. Tevens werd geoordeeld dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel in deze zaak van toepassing blijft, ondanks betwisting door eiser over de mensenrechtensituatie in Kroatië.
De rechtbank concludeerde dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij bij terugkeer naar Kroatië een reëel risico loopt op schending van fundamentele rechten en dat hij de mogelijkheid heeft om klachten in Kroatië te uiten. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot niet in behandeling nemen van de asielaanvraag blijft in stand.