ECLI:NL:RBDHA:2024:251
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en Kroatische verantwoordelijkheid
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening. De rechtbank heeft de zaak zonder zitting behandeld en beoordeelt of het besluit rechtmatig is.
Eiser betoogde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet toegepast mocht worden vanwege risico's op schending van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro in Kroatië, onderbouwd met getuigenverklaringen en jurisprudentie. De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris terecht van het vertrouwensbeginsel uitgaat, mede bevestigd door recente uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Daarnaast stelde eiser dat de staatssecretaris de aanvraag onverplicht aan zich had moeten trekken op grond van bijzondere medische omstandigheden (epilepsie en stressgevoeligheid). De rechtbank vindt dat de medische stukken dit niet onderbouwen en dat er geen reden was om advies van het Bureau Medische Advisering in te winnen.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, bevestigt dat de asielaanvraag niet in behandeling wordt genomen en dat overdracht aan Kroatië mogelijk is. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag wordt niet in behandeling genomen omdat Kroatië verantwoordelijk is.