ECLI:NL:RBDHA:2024:2974
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning regulier privéleven op grond van artikel 8 EVRM vernietigd wegens onvoldoende belangenafweging
Eiseres, met de Egyptische nationaliteit, woont sinds haar elfde onafgebroken in Nederland en heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier op grond van haar privéleven zoals beschermd door artikel 8 EVRM Pro. De staatssecretaris wees deze aanvraag af, stellende dat eiseres geen geldige machtiging tot voorlopig verblijf had, dat zij niet viel onder het jongvolwassenenbeleid, en dat er zwaarwegende migratiebelangen waren die het gedrag van haar ouders aan haar toerekenden.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het handelen van de ouders aan eiseres wordt toegerekend en dat hij onvoldoende heeft betrokken dat eiseres sinds haar elfde rechtmatig in Nederland verbleef. Ook is onvoldoende onderzocht of eiseres zich in Egypte kan vestigen en een bestaan kan opbouwen, mede gezien haar persoonlijke omstandigheden en culturele achtergrond.
De rechtbank stelt dat de belangenafweging niet zorgvuldig en deugdelijk is voorbereid en dat het besluit in strijd is met het zorgvuldigheidsbeginsel en het motiveringsbeginsel. Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd, en de staatssecretaris opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen zes weken. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd en de staatssecretaris wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.