ECLI:NL:RBDHA:2024:4712
Rechtbank Den Haag
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aanwijzing Armenië als veilig land van herkomst wegens niet-naleving Verdrag van Istanbul
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar asielaanvraag en het opleggen van een inreisverbod, gebaseerd op de aanwijzing van Armenië als veilig land van herkomst. De rechtbank heeft in een tussenuitspraak gebreken vastgesteld in het besluit van de staatssecretaris en hem de gelegenheid gegeven deze te herstellen.
De staatssecretaris heeft de gebreken niet hersteld en betoogt dat het Verdrag van Istanbul niet als bindende bron geldt bij de aanwijzing van veilige landen. De rechtbank oordeelt dat het Verdrag van Istanbul wel bindend is en dat de staatssecretaris niet heeft aangetoond dat gendergerelateerd huiselijk geweld als vervolgingsgrond is erkend in het onderzoek naar Armenië.
De rechtbank stelt vast dat de staatssecretaris onvoldoende rekening heeft gehouden met de doelstellingen van het Verdrag van Istanbul, waaronder de erkenning van gendergerelateerd huiselijk geweld en het beginsel van non-refoulement. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de staatssecretaris opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de relevante bepalingen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de aanwijzing van Armenië als veilig land van herkomst onverbindend verklaard.