ECLI:NL:RBDHA:2024:7292
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel bewaring en gebruik handboeien tijdens detentie
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid legde op 5 april 2024 een maatregel van bewaring op aan eiser op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank had reeds op 22 april 2024 geoordeeld dat de maatregel tot dat moment rechtmatig was.
In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank of de maatregel sinds 16 april 2024 rechtmatig is. Eiser stelde dat eerdere uitspraken onterecht waren en dat sprake was van misbruik van recht. De rechtbank oordeelt dat het niet aan haar is om in een vervolgberoep eerdere uitspraken te herzien en dat misbruik van recht ook bij de nieuwe aanvraag om toetsing aan het Unierecht aanwezig is, waardoor geen rechtmatig verblijf bestond.
Daarnaast klaagde eiser over het gebruik van handboeien tijdens vervoer naar en verblijf in het ziekenhuis op 2 mei 2024. De rechtbank stelt dat dit de feitelijke uitvoering van het regime betreft en niet binnen de bevoegdheid van de bewaringsrechter valt om te toetsen.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.