ECLI:NL:RBDHA:2024:7429
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens te vroege ingebrekestelling asielaanvraag
Eiser diende op 10 juli 2022 een asielaanvraag in bij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De staatssecretaris wees aanvankelijk een andere lidstaat aan als verantwoordelijke voor de behandeling, maar op 20 april 2023 werd vastgesteld dat Nederland de aanvraag zou behandelen. Hierdoor begon de beslistermijn opnieuw te lopen.
De beslistermijn werd verlengd met negen maanden op grond van het Wijzigingsbesluit Vreemdelingencirculaire 2022/22, waardoor de termijn zou eindigen op 20 juli 2024. De maximale beslistermijn van 21 maanden, zoals bepaald in de Procedurerichtlijn, liep echter eerder af op 10 april 2024. Eiser stelde de staatssecretaris op 4 december 2023 in gebreke, maar dit was te vroeg omdat de beslistermijn toen nog niet verstreken was.
De rechtbank oordeelde dat het beroep daarom niet-ontvankelijk is wegens gebrek aan procesbelang. Tevens kon eiser geen bestuurlijke dwangsom vorderen omdat de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen van toepassing is. Ook werd geen proceskostenveroordeling toegewezen. De uitspraak is gedaan zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling.