ECLI:NL:RBDHA:2025:11347
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvragen wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
De rechtbank Den Haag heeft op 26 juni 2025 het beroep van eisers, een gezin met minderjarige kinderen, tegen het niet in behandeling nemen van hun asielaanvragen door de minister van Asiel en Migratie ongegrond verklaard. De minister had de aanvragen niet in behandeling genomen omdat Frankrijk volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
Eisers stelden dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet toegepast mocht worden vanwege systeemfouten in Frankrijk, waaronder onvoldoende opvang en risico op indirect refoulement. Ook voerden zij aan dat zij bijzonder kwetsbaar zijn vanwege hun gezinssituatie en verwezen naar het Tarakhel-arrest. De rechtbank oordeelde dat de minister terecht uitgaat van het vertrouwensbeginsel en dat eisers onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat zij bijzonder kwetsbaar zijn of dat Frankrijk zijn verplichtingen niet nakomt.
Daarnaast wees de rechtbank het beroep af dat de minister de aanvragen op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening had moeten behandelen. De minister hoefde geen aanvullende toetsing te doen omdat de omstandigheden in Frankrijk al waren betrokken bij de beoordeling. De rechtbank concludeerde dat het niet in behandeling nemen van de aanvragen standhoudt en wees het beroep af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvragen wordt ongegrond verklaard en de besluiten blijven in stand.