ECLI:NL:RBDHA:2025:13508
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning voor recreatiewoning in Plassengebied bevestigd
Eiser verzocht om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een recreatiewoning op een perceel in het Plassengebied, welke door verweerder werd geweigerd. De rechtbank behandelde het beroep tegen deze weigering en gaf verweerder de gelegenheid om een aanvullende motivering te geven na een tussenuitspraak.
Verweerder heeft erkend dat het perceel geen bouwvlak heeft en dat het bestaande verblijf illegaal is gebouwd. De weigering werd gemotiveerd met het belang van behoud van natuur, landschap en cultuurhistorie in het gebied, en de wens om toename van woon- en verblijfsrecreatiedruk te voorkomen. Tevens bood verweerder een alternatieve bestemming aan voor het perceel, waarmee een beperkte recreatieve bebouwing mogelijk wordt.
Eiser stelde dat hij niet op de hoogte was van het ontbreken van een bouwvlak en dat het bestaande verblijf niet illegaal zou zijn. De rechtbank oordeelde echter dat eiser het risico van het ontbreken van een bouwvlak bij aankoop heeft aanvaard en dat verweerder de belangen zorgvuldig heeft afgewogen. De weigering leidt niet tot een onevenredige uitkomst.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond wegens een gebrek in het bestreden besluit, vernietigde dit besluit, maar liet de rechtsgevolgen ervan in stand omdat het gebrek door verweerder was hersteld. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; verweerder moet griffierecht en proceskosten vergoeden.