In deze bestuursrechtelijke procedure heeft eiseres beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar asielaanvraag van 30 december 2022. Eerder had de rechtbank al geoordeeld dat de minister binnen een bepaalde termijn moest beslissen en een dwangsom moest betalen bij overschrijding.
De rechtbank oordeelt dat het beroep ontvankelijk en gegrond is omdat de minister niet binnen de opgelegde termijn van vier weken heeft beslist. Gezien het overschrijden van de maximale beslistermijn van 21 maanden, stelt de rechtbank een nieuwe termijn van twee weken vast waarbinnen de minister moet beslissen.
Indien de minister niet binnen deze termijn beslist, wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd, met een maximum van €15.000. De rechtbank acht deze dwangsom redelijk en voldoende als prikkel voor tijdige besluitvorming. Daarnaast wordt de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres ad €453,50.