Eiseres heeft op 24 oktober 2024 een herbeoordeling van een WIA-uitkering aangevraagd bij het UWV. Omdat het UWV niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist, heeft eiseres op 22 april 2025 beroep ingesteld wegens het uitblijven van een beslissing. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat het UWV sinds de ingebrekestelling op 31 december 2024 niet heeft besloten.
Het UWV heeft een dwangsombeslissing genomen van € 1.442,-, maar heeft nog geen nieuw besluit genomen. De rechtbank bepaalt dat het UWV binnen negen weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen, waarbij zes weken zijn gereserveerd voor de medische beoordeling door een verzekeringsarts en drie weken voor het besluit. Dit is een bijzondere regeling vanwege het tekort aan verzekeringsartsen.
De rechtbank legt een dwangsom op van € 100,- per dag met een maximum van € 15.000,- voor elke dag dat het UWV de termijn overschrijdt. Daarnaast wordt het betaalde griffierecht aan eiseres vergoed en worden proceskosten van € 453,50 aan eiseres toegekend. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 5 augustus 2025.