ECLI:NL:RBDHA:2025:16994
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening
De rechtbank Den Haag beoordeelt het beroep van eiser tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen. De minister baseerde dit op de Dublinverordening, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag. Nederland had op 3 juli 2025 een verzoek tot terugname aan Duitsland gedaan, dat op 8 juli 2025 werd aanvaard.
Eiser stelde bewijsnood te hebben over systeemfouten in de Duitse asielprocedure en opvang, die zouden leiden tot onmenselijke of vernederende behandeling. De rechtbank oordeelt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Duitsland geldt en dat eiser onvoldoende heeft onderbouwd dat Duitsland zijn internationale verplichtingen niet nakomt of dat hij in bewijsnood verkeert.
Daarnaast faalde het beroep op artikel 17 van Pro de Dublinverordening omdat eiser dit niet had onderbouwd. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, waardoor het besluit van de minister in stand blijft en eiser kan worden overgedragen aan Duitsland. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.