Eisers hebben beroep ingesteld omdat de minister niet tijdig heeft beslist op hun asielaanvragen van 6 december 2023. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is verstreken en dat de minister ondanks verzoeken niet binnen een redelijke termijn heeft besloten.
De rechtbank verklaart het beroep ontvankelijk en kennelijk gegrond, en legt de minister op binnen acht weken na deze uitspraak alsnog besluiten te nemen. Deze termijn is gebaseerd op het '8+8 wekenmodel' en de overschrijding van de bovengrens van 21 maanden.
Indien de minister niet binnen deze termijn beslist, moet hij aan eisers gezamenlijk een dwangsom van €100 per dag betalen, met een maximum van €15.000. Daarnaast veroordeelt de rechtbank de minister tot vergoeding van de proceskosten van €453,50 aan eisers.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Het besluit versterkt de rechtspositie van asielzoekers bij langdurige beslistermijnen en benadrukt de noodzaak van tijdige besluitvorming door de overheid.