In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 14 augustus 2023. Eerder had de rechtbank al geoordeeld dat de minister binnen zestien weken een besluit moest nemen, met een dwangsom van €100 per dag tot maximaal €7.500 bij overschrijding. De minister heeft echter niet binnen deze termijn besloten.
De rechtbank oordeelt dat bij overschrijding van de bovengrens van 21 maanden het '8+8 wekenmodel' van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van toepassing is, waarbij een kortere beslistermijn passend is. Daarom legt de rechtbank nu een beslistermijn van acht weken op, ingaand de dag na bekendmaking van deze uitspraak.
Indien de minister ook binnen deze termijn niet beslist, moet hij een dwangsom van €100 per dag betalen, met een maximum van €15.000. Daarnaast veroordeelt de rechtbank de minister tot vergoeding van de proceskosten van eiser, vastgesteld op €453,50. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is geanonimiseerd gepubliceerd.