ECLI:NL:RBDHA:2025:19747
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet niet onverwijld gegeven bij onbevoegd gebruik RDW-systeem
De werknemer was sinds 2024 in dienst bij de Gemeente Delft als buitengewoon opsporingsambtenaar op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Hij gebruikte in december 2024 het RDW-kentekenregister voor privédoeleinden, wat leidde tot een ontslag op staande voet op 10 maart 2025. De werknemer betwistte de rechtsgeldigheid van het ontslag, met name omdat het niet onverwijld zou zijn gegeven.
De kantonrechter oordeelde dat er wel sprake was van een dringende reden vanwege het onbevoegd gebruik van het kentekenregister, maar dat het ontslag niet onverwijld was gegeven. Er was een aanzienlijke tijd verstreken tussen het bekend worden van de feiten (12 februari 2025) en het ontslag (10 maart 2025), mede door onderhandelingen en juridisch advies. Hierdoor hield het ontslag op staande voet geen stand.
De arbeidsovereenkomst bleef daardoor voortduren en de werkgever werd veroordeeld tot betaling van het loon over de periode van 10 maart tot 29 september 2025, inclusief vakantiedagen en vakantiegeld, met wettelijke verhoging en rente. De vorderingen tot wedertewerkstelling en cursusinschrijving werden afgewezen vanwege het einde van de arbeidsovereenkomst per datum. De kantonrechter verklaarde tevens dat de werknemer verwijtbaar had gehandeld, maar wees het verzoek tot gefixeerde schadevergoeding af. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet wordt vernietigd wegens niet onverwijld gegeven en de werkgever wordt veroordeeld tot doorbetaling van loon.