ECLI:NL:RBDHA:2025:21463
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging tijdelijke bescherming en oplegging terugkeerbesluit aan derdelander
Eiseres, een Marokkaanse derdelander die tijdelijk bescherming genoot in Nederland op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming (RTB), betwist de beëindiging van haar verblijfsrecht en het opgelegde terugkeerbesluit van 11 juli 2025. Zij voerde aan dat de beëindiging onterecht was, dat zij rechtmatig verblijf had op basis van een bevriezingsmaatregel en dat haar persoonlijke omstandigheden onvoldoende waren betrokken bij het besluit.
De rechtbank oordeelt dat de tijdelijke bescherming van eiseres rechtsgeldig is geëindigd per 4 maart 2024, conform eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak en het Hof van Justitie van de Europese Unie. De bevriezingsmaatregel verleent geen rechtmatig verblijf maar slechts tijdelijk gebruik van rechten, waardoor het terugkeerbesluit terecht is opgelegd.
Verder is onvoldoende gebleken dat verweerder de persoonlijke omstandigheden van eiseres, zoals haar opgebouwde privéleven en vrees voor eerwraak, niet adequaat heeft betrokken. Eiseres heeft deze omstandigheden onvoldoende onderbouwd en heeft ook geen gehoorverzoek ingediend. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en veroordeelt verweerder tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit bevestigd.