ECLI:NL:RBDHA:2025:24562
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N. Meesters – van Luijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag op grond van ongeloofwaardigheid homoseksualiteit en trauma
Eiser diende in 2022 een asielaanvraag in Nederland in, stellende dat hij vanwege zijn homoseksualiteit en de bedreigingen van zijn tante en haar handlangers in Nigeria bescherming zocht. De minister wees de aanvraag in 2025 af wegens ongeloofwaardigheid van het relaas, met name over zijn seksuele gerichtheid en de problemen met zijn familie.
De rechtbank behandelde het beroep in december 2025 en oordeelde dat de minister voldoende rekening had gehouden met het referentiekader en trauma van eiser. De verklaringen van eiser waren echter summier, vaag en wisselend, met onvoldoende details over zijn homoseksualiteit, relaties en gevoelens. Hierdoor kon de minister het relaas als ongeloofwaardig beoordelen.
De rechtbank concludeerde dat eiser zijn homoseksualiteit niet aannemelijk had gemaakt en dat de minister zijn besluit terecht had genomen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.