AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Beroep tegen niet tijdig beslissen op asielaanvraag
In deze uitspraak van de Rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, gaat het om een beroep dat eiser heeft ingediend tegen de minister van Asiel en Migratie. Eiser stelt dat de minister niet tijdig heeft beslist op zijn asielaanvraag, ingediend op 3 december 2023. De rechtbank heeft besloten dat een zitting niet nodig is, omdat partijen daarmee instemden. De rechtbank heeft het beroep vervolgens niet op zitting behandeld en het onderzoek gesloten. De rechtbank oordeelt dat de minister in beginsel binnen zes maanden een beslissing op de aanvraag had moeten nemen, conform het wijzigingsbesluit WBV 2023/3. Eiser heeft de minister op 6 juni 2024 verzocht om binnen twee weken een beslissing te nemen, maar de minister heeft hier niet op gereageerd. De rechtbank verklaart het beroep ontvankelijk en gegrond, en legt de minister op om binnen acht weken na de uitspraak een besluit te nemen. Indien de minister deze termijn overschrijdt, moet hij een dwangsom van € 100,- per dag betalen, met een maximum van € 15.000,-. Daarnaast moet de minister de proceskosten van eiser vergoeden, vastgesteld op € 453,50.
Voetnoten
1.Artikel 8:57, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)
2.Besluit van 26 januari 2023, nummer WBV 2023/3, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000, Stcrt. 2023, 3235.
3.ECLI:EU:C:2025:326, alsmede de conclusie van de advocaat-generaal: ECLI:EU:C:2024:1028.
4.Artikel 6:12, tweede lid aanhef en onder a, van de Awb.
5.Artikel 6:12, tweede lid aanhef en onder b, van de Awb.
6.Artikel 8:72, vierde lid, aanhef en onder b, van de Awb.
8.Artikel 31, vijfde lid, van de Procedurerichtlijn.
10.Artikel 8:55d, tweede lid, van de Awb.
11.Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door de gemachtigde verleende rechtsbijstand, waarbij 1 punt is gerekend voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor van 0,5.