ECLI:NL:RBDHA:2025:25972
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en LHBTI-risico's in Bulgarije
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Bulgarije volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
De rechtbank heeft op 30 september 2025 het beroep behandeld en beoordeelt of het niet in behandeling nemen terecht is. Eiser stelt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt vanwege een expliciet anti-LHBTI-beleid in Bulgarije, waardoor hij zich daar niet veilig voelt en risico loopt op schending van zijn rechten.
De rechtbank overweegt dat de minister in beginsel mag uitgaan van het vertrouwensbeginsel dat lidstaten hun internationale verplichtingen nakomen, tenzij sprake is van uitzonderlijke omstandigheden met structurele tekortkomingen die een hoog niveau van zwaarwegendheid bereiken. Eiser is hier niet in geslaagd. Uit recente uitspraken blijkt dat Bulgarije nog steeds als verantwoordelijke lidstaat kan worden aangemerkt en dat LHBTI-asielzoekers niet structureel slechter worden behandeld.
De rechtbank wijst erop dat eiser zich bij problemen tot de Bulgaarse autoriteiten had moeten wenden, wat hij niet heeft gedaan. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, het besluit blijft in stand en eiser mag worden overgedragen aan Bulgarije. Proceskosten worden niet toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot niet in behandeling nemen van de asielaanvraag blijft in stand.