ECLI:NL:RBDHA:2025:4017
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiseres, van Somalische nationaliteit, heeft op 13 mei 2024 asiel aangevraagd in Nederland nadat zij illegaal Frankrijk was binnengekomen op 16 april 2024. Verweerder heeft haar asielaanvraag niet in behandeling genomen omdat Frankrijk verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening. De rechtbank oordeelt dat dit besluit terecht is genomen.
Eiseres stelde dat het besluit niet rechtsgeldig was bekendgemaakt, onzorgvuldig tot stand was gekomen, het overnameverzoek onvolledig was, en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet toegepast mocht worden vanwege tekortkomingen in de Franse opvang. Ook voerde zij aan dat de behandeling van haar asielaanvraag naar Nederland had moeten worden gehaald op grond van bijzondere omstandigheden met betrekking tot haar minderjarige zoon.
De rechtbank verwierp al deze gronden. Het besluit was rechtsgeldig bekendgemaakt via het Portaal voor Advocaten, het tweede identieke voornemen was per abuis verstuurd maar niet onzorgvuldig, het overnameverzoek was niet onvolledig, en het interstatelijk vertrouwensbeginsel kon worden toegepast. Tevens was er geen bijzondere afhankelijkheidsrelatie die een terugtrekking van de asielaanvraag naar Nederland rechtvaardigde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af. Hierdoor kan eiseres worden overgedragen aan Frankrijk voor de behandeling van haar asielaanvraag.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.