Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar Ziektewet-uitkering te beëindigen. Nadat het UWV niet tijdig op het bezwaar had beslist, stelde eiseres beroep in wegens het uitblijven van een beslissing. De rechtbank constateerde dat de beslistermijn was overschreden en dat het beroep gegrond was.
De rechtbank stelt dat in zaken waarbij een medisch advies van een verzekeringsarts nodig is, het UWV een termijn van zes weken krijgt om de medische beoordeling te verrichten, gevolgd door drie weken om een besluit te nemen. In dit specifieke geval was een hoorzitting gepland op 30 april 2025, waardoor het UWV uiterlijk binnen drie weken daarna een besluit moest nemen. Gezien de verstreken tijd bepaalt de rechtbank dat het UWV binnen twee weken na verzending van de uitspraak een besluit moet nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000 voor elke dag dat het UWV de beslistermijn verder overschrijdt. Ook wordt het betaalde griffierecht aan eiseres vergoed en worden proceskosten van €453,50 aan eiseres toegekend. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 9 mei 2025.