ECLI:NL:RBDHA:2026:13472
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser diende op 10 november 2025 een asielaanvraag in die de minister op 11 maart 2026 niet in behandeling nam omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening. Eiser betoogde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet toegepast mocht worden vanwege structurele tekortkomingen in de Spaanse opvangvoorzieningen en verwees naar rapporten en een inbreukprocedure van de Europese Commissie.
De rechtbank oordeelde dat ondanks de problemen in Spanje, de minister terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel. De verwijzingen van eiser naar eerdere jurisprudentie en rapporten boden onvoldoende grond om dit vertrouwen te doorbreken. Ook het beroep op artikel 17 van Pro de Dublinverordening werd verworpen omdat de minister de omstandigheden reeds had betrokken bij de beoordeling van het vertrouwensbeginsel.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en het besluit van de minister om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen in stand blijft. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter S. Kompier en griffier S.J.B. ter Beke op 20 mei 2026.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het besluit van de minister om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.