ECLI:NL:RBDHA:2025:2355
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroepen tegen niet in behandeling nemen asielaanvragen op grond van Dublinverordening
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om hun asielaanvragen niet in behandeling te nemen, omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening. De rechtbank heeft de beroepen op 31 januari 2025 behandeld en beoordeelt of de beroepen ontvankelijk zijn en inhoudelijk gegrond.
De rechtbank oordeelt dat eisers nog procesbelang hebben omdat zij contact onderhouden met hun gemachtigde en hun terugkeer naar Jordanië niet betekent dat zij geen bescherming meer zoeken in Nederland. De rechtbank gaat vervolgens in op de vraag of de minister terecht uitging van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Spanje. Eisers stelden dat er sprake is van tekortkomingen in het Spaanse asiel- en opvangsysteem, maar de rechtbank acht deze niet aannemelijk op basis van recente jurisprudentie en rapporten.
Ten slotte beoordeelt de rechtbank of de minister de asielaanvragen onverplicht aan zich had moeten trekken op grond van artikel 17 van Pro de Dublinverordening. De rechtbank stelt dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die dit rechtvaardigen. De beroepen worden daarom ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvragen.
Uitkomst: De beroepen worden ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvragen niet in behandeling te nemen blijft in stand.