ECLI:NL:RBDHA:2026:1452
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring van asielaanvraag op basis van veilig derde land Armenië
Deze uitspraak betreft de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag van eiser, die de Jordaanse nationaliteit heeft en als christen in Jordanië is bedreigd. Eiser heeft op 6 juli 2023 een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel ingediend, maar deze is door de minister van Asiel en Migratie op 20 juni 2025 niet-ontvankelijk verklaard. Eiser is het hier niet mee eens en heeft beroep ingesteld. De rechtbank heeft op 16 december 2025 de zaak behandeld, waarbij zowel eiser als zijn gemachtigde en de gemachtigde van de minister aanwezig waren.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht heeft gesteld dat Armenië voor eiser als veilig derde land kan worden beschouwd. Eiser heeft eerder in Armenië verbleven en heeft daar een studievergunning gehad. De rechtbank concludeert dat het aannemelijk is dat eiser opnieuw toegang zal krijgen tot Armenië, ondanks zijn argumenten dat hij niet meer als student ingeschreven staat en dat hij financiële ondersteuning nodig heeft. De rechtbank stelt vast dat de minister niet verplicht is om de asielaanvraag inhoudelijk te beoordelen, omdat de niet-ontvankelijkverklaring op juiste gronden is gebaseerd. De beroepsgrond van eiser slaagt niet, en de rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen vergoeding van zijn proceskosten.