In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 24 maart 2024. De rechtbank had in een eerdere uitspraak bepaald dat de minister uiterlijk 18 februari 2026 een besluit moest nemen, met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding.
De minister heeft niet binnen deze termijn beslist, waardoor het beroep ontvankelijk en gegrond is verklaard. De rechtbank legt een nieuwe beslistermijn van acht weken op, ingaand de dag na de uitspraak, en bevestigt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000. De dwangsom vangt aan nadat de eerdere dwangsom volledig is volgelopen, namelijk op 19 juli 2026.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de minister tot vergoeding van de proceskosten van eiser, vastgesteld op €233,50, rekening houdend met een lagere wegingsfactor vanwege de beperkte omvang van het vervolgberoep. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.