ECLI:NL:RBDHA:2026:16158
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Zwitserland op grond van Dublinverordening
Eiseres, van Zuid-Soedanese nationaliteit, diende op 26 december 2025 een asielaanvraag in Nederland in. Nederland verzocht Zwitserland om haar terug te nemen op grond van de Dublinverordening, welke Zwitserland aanvaardde. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling omdat Zwitserland verantwoordelijk is.
Eiseres stelde dat Nederland haar aanvraag moest behandelen vanwege ernstige tekortkomingen in de Zwitserse asielprocedure en een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro. Zij vreesde onder meer gebrek aan opvang, vreemdelingenbewaring, taalbarrières en kwetsbaarheid voor mensenhandel.
De rechtbank oordeelde dat verweerder mocht uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel dat Zwitserland zijn internationale verplichtingen nakomt. Eiseres slaagde er niet in met concrete en onderbouwde aanwijzingen aannemelijk te maken dat zij een reëel risico loopt op een met artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro strijdige behandeling.
De rechtbank verwierp ook het beroep op het arrest Tarakhel omdat eiseres niet als bijzonder kwetsbare asielzoeker kon worden aangemerkt. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.