ECLI:NL:RBDHA:2026:17105
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep wegens niet tijdig besluit gezinshereniging met oplegging dwangsom
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van gezinshereniging. De minister van Asiel en Migratie heeft niet binnen de wettelijke termijn van 90 dagen beslist en heeft de beslistermijn met drie maanden verlengd, maar ook daarna geen besluit genomen.
De rechtbank stelt vast dat de ingebrekestelling rechtsgeldig is gedaan en dat het beroep tijdig is ingesteld. Gezien de bijzondere omstandigheden bij aanvragen om gezinshereniging bij houders van een asielvergunning, wordt een langere beslistermijn dan de standaard twee weken opgelegd. De rechtbank bepaalt een termijn van acht weken voor het nemen van een besluit, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
De rechtbank wijst het verzoek om vaststelling van een bestuurlijke dwangsom af vanwege de nieuwe wettelijke regeling die dit uitsluit. Wel legt zij een dwangsom op van €50 per dag met een maximum van €15.000 voor het overschrijden van de opgelegde termijn. Daarnaast veroordeelt de rechtbank de minister in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen en legt een termijn en dwangsom op aan de minister.