ECLI:NL:RBDHA:2026:3385
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunningen wegens onvoldoende belangenafweging minderjarig kind
Eisers, een Armeens gezin bestaande uit een moeder, haar meerderjarige dochter en minderjarige zoon, vroegen om verblijfsvergunningen die door de minister van Asiel en Migratie werden geweigerd. De rechtbank beoordeelde het bestreden besluit en concludeerde dat de belangen van het minderjarige kind onvoldoende waren meegewogen, met name omdat het kind sterk geworteld is in Nederland en een hechte band heeft met de stiefvader die hem stabiliteit biedt.
De rechtbank stelde vast dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met het belang van het kind, geen persoonlijk gehoor had afgenomen en geen deskundig onderzoek had laten verrichten, waardoor het besluit onzorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd was. Ook werd het handelen van de ouders ten onrechte aan het kind toegerekend.
Daarnaast werd de redelijke termijn van de procedure met negen maanden overschreden, wat leidde tot een schadevergoeding aan eisers. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en gaf de minister acht weken om een nieuw besluit te nemen, waarbij de belangen van het kind en de overige omstandigheden zorgvuldig moeten worden meegewogen.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot weigering van verblijfsvergunningen wordt vernietigd vanwege onvoldoende motivering en onzorgvuldige belangenafweging ten aanzien van het minderjarige kind.